Onderzoek, monitoring en praktijk komen samen op biologisch demoveld met robuuste aardappelrassen

Maandagavond kwamen zo’n 40 mensen uit de hele aardappelketen bijeen bij ERF B.V. voor een bezoek aan het biologische demoveld met robuuste aardappelrassen. Voorafgaand aan het demoveldbezoek werden de aanwezigen bijgepraat over de ontwikkelingen binnen het project 'Naar een weerbare aardappelketen met robuuste rassen'. Verschillende sprekers deelden inzichten uit de praktijk en gaven een update over lopend onderzoek, nieuwe hulpmiddelen en de ontwikkeling van robuuste aardappelrassen. 

20260721 robuuste rassen demoveld aardappels erf akker publiek bloem 13

Samen werken aan minder ziektedruk 

Akkerbouwer Jan Monsma vertelde openhartig over de zelfhandhavingsgroep in Zuid-Flevoland. In deze groep werken gangbare en biologische telers op basis van vertrouwen samen aan het beheersen van de ziektedruk in de aardappel- en uienteelt. Deelnemers aan de zelfhandhavingsgroep sporen elkaar aan om de wettelijke teeltvoorschriften na te leven. Dit betekent preventieve maatregelen nemen zoals afvalhopen afdekken, opslagplanten verwijderen en snel optreden bij een ziekte-uitbraak.  

Volgens Jan leidt deze aanpak in de praktijk niet aantoonbaar tot minder Phytophthora- besmettingen, maar wel tot minder spanningen tussen biologische en gangbare telers. Binnen het aardappelproject wordt daarom gestreefd naar het opzetten van meer van dit soort zelfhandhavingsgroepen. 

Animatie over duurzame beheersing van Phytophthora  

Na het verhaal van Jan werd een animatie vertoond waarin op een toegankelijke manier wordt uitgelegd hoe de aardappelziekte Phytopthora zich voortdurend ontwikkelt en aanpast (muteert).   

De animatie laat ook zien dat het nemen van preventieve maatregelen, de teelt van robuuste rassen, monitoring van je gewas en tijdig ingrijpen bij een besmetting, gezamenlijk zorgen voor een duurzame beheersing van Phytopthora. De animatie werd goed ontvangen en er werd voorgesteld om deze ook in het agrarische onderwijs te gebruiken.  

Bekijk de animatie hier.

Nieuwe ontwikkelingen in onderzoek & monitoring  

Jack Vossen van Wageningen University en Research (WUR) gaf een kort overzicht van de laatste ontwikkelingen in het Phytophthora-onderzoek en de verschillende tools voor resistentiemanagement.

Zo wordt er naast de doorontwikkeling van de PhytoAlert ook gewerkt aan een Bio-BOS, een systeem dat biologische telers inzicht geeft in de dagen waarop de kans het grootste is dat een Phytophthora-besmetting zichtbaar is. Zo kunnen zij bepalen wanneer het beste moment is om hun aardappelvelden te inspecteren.   

Ook kwamen de Bioscout sporenvangers aan bod. Inmiddels zijn zes van deze sporenvangers in gebruik. Ze geven informatie over de locatie en hoeveelheid Phytophthorasporen die in de lucht aanwezig zijn en daarmee over de ziektedruk. Het streven is om in de toekomst een heel netwerk van deze sporenvangers wordt op te zetten. 

Daarnaast wordt er binnen het onderzoek gewerkt aan een detectiesysteem dat nauwkeurig vast kan stellen welk type Phytophthora in de lucht aanwezig is. Daarmee kunnen telers ook inzicht krijgen in welke resistentiegenen, en daarmee welke robuuste rassen, mogelijk worden aangetast.  

Lees meer over de PPS 'Resistentiemanagement voor beheersing Phytophthora Infestans'.

Robuuste rassenlijst uitgebreid met aanvullende eigenschappen 

Jacob Eising gaf vervolgens een toelichting op de lijst van robuuste aardappelrassen met aanvullende eigenschappen. Deze lijst is op verzoek van biologische telers ontwikkeld en bevat informatie over verschillende aardappelziektes, kwaliteitskenmerken en teelteigenschappen. De gegevens hiervoor zijn afkomstig van de aardappelhandelshuizen, waarnemingen op de demovelden en de NVWA-lijsten. 

Saskia van Wijk van ERF B.V. lichtte aansluitend toe dat de aardappels in het demoveld in Almere op 30 april zijn gepoot, na een voorvrucht van mais.  

Rondleiding langs de robuuste rassen 

Tijdens de rondleiding op het demoveld gaven de aanwezige aardappelhandelshuizen een toelichting bij de toepassingen en eigenschappen van de diverse rassen. Daarbij kwamen zowel de sterke punten als de aandachtspunten van ieder ras aan bod.  

Jacob Eising wees erop dat, sinds het eerste demoveld in 2017, niet alleen het aantal rassen is toegenomen maar dat er inmiddels ook meer bedrijven meedoen. Verder liggen er nu naast tafelaardappelen ook diverse chips- en fritesrassen in het demoveld. Een derde ontwikkeling is dat er naast rassen met één resistentiegen nu ook rassen liggen met meerdere resistentiegenen.  

Tot slot lichtte Saskia toe dat er, mede door het droge en warme weer, tot nu toe nog geen Phytophthora-aantasting in het demoveld is gevonden, maar dat ze de rassen blijven monitoren tot aan de oogst.