Europese Commissie zet in op sterke toekomst voor bio

Bio biedt het platteland en consumenten veel waar voor hun geld. Dat is althans de overtuiging van de Europese Commissie, die vlak voor Kerst een agenda publiceerde voor de verdere ontwikkeling van de biologische sector. In deze agenda benadrukt de Commissie het brede maatschappelijke en economische belang van biologische productie voor de Europese Unie.

vrouw-bio-tomatenteelt

Brede maatschappelijke en economische meerwaarde van bio
Volgens de Commissie draagt de biologische sector bij aan de weerbaarheid, autonomie en cohesie van de EU. Dat gebeurt onder meer door positieve effecten op waterkwaliteit, biodiversiteit, bodemvruchtbaarheid en dierenwelzijn. Tegelijkertijd is bio uitgegroeid tot een succesvolle economische sector, met inmiddels 17 miljoen hectare landbouwgrond, een keurmerk met grote herkenbaarheid en een omzet in de supermarkten van meer dan 45 miljard euro. Daarnaast zorgt de biologische keten voor werkgelegenheid in het midden- en kleinbedrijf en stimuleert zij innovatieve regionale concepten, zoals bio-regio’s. Bovendien blijkt de biologische sector aantrekkelijk voor jonge boeren: ruim een vijfde van de biologische boeren in de EU is jonger dan 40 jaar, tegenover slechts 11,9 procent in de landbouwsector als geheel.

Bio krijgt plek in voorstel nieuw Gemeenschappelijk Landbouwbeleid
In het voorstel voor het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid heeft de Commissie de biologische boeren een plek gegeven. Hoe groot de werkelijke steun wordt, hangt af van de onderhandelingen over dit pakket met de lidstaten in de komende jaren. Verder worden uitvoeringsregels en richtlijnen die een last vormen voor biologische ondernemers aangepast. De Europese Commissie heeft een planning gemaakt van de onderwerpen die nu op haar lijstje staan en wanneer die in de komende twee jaar aan de orde komen. Onderwerpen variëren van het kunnen corrigeren van invulfouten op een importcertificaat (een COI) tot harmonisatie van de mestsoorten die gebruikt mogen worden. Een belangrijke stimulans is dat het huidige actieplan voor ondersteuning van de biologische keten in 2026 wordt herzien en verlengd. De Commissie doet een voorzet door een belangrijke rol toe te kennen aan de overheid, die het goede voorbeeld kan geven door meer biologische producten op te nemen in haar bedrijfsrestaurants.

Europese Commissie pakt knelpunten in bio-regelgeving aan

Naast de bovengenoemde acties stelt de Europese Commissie een aantal zeer gerichte aanpassingen van de biologische productieregels voor. Een relatief eenvoudige aanpassing betreft het voorstel om de Europese Commissie zichzelf tien jaar extra tijd te geven om de equivalentieverdragen die zij met elf andere landen heeft gesloten, om te zetten in handelsakkoorden. Gezien de huidige geopolitieke spanningen is dat een verstandige keuze. Daarnaast doet de Commissie een voorstel om een belangrijk pijnpunt op te lossen. Het Hof van Justitie heeft in de Herbaria-rechtszaak bepaald dat producten die van buiten de EU worden geïmporteerd uit landen waarmee een equivalentieverdrag is gesloten, zoals de VS of Tunesië, geen EU-logo mogen dragen. In de praktijk gebeurt dat momenteel wel. Als oplossing wordt voorgesteld dat de EU een lijst opstelt met essentiële kenmerken van haar wetgeving. Wanneer de productieregels in het betreffende land daaraan voldoen, is er sprake van voldoende conformiteit om het EU-logo op deze geïmporteerde producten te mogen voeren.

Andere voorstellen hebben betrekking op het vereenvoudigen van de criteria voor producentengroepen die onder één certificaat werken, het schrappen van de (nog niet ingevulde) verplichting om veel schoonmaak- en desinfectieproducten in biologische verwerkingslocaties te verbieden, het vereenvoudigen van de certificeringscriteria voor kleine ondernemers die onverpakte producten verkopen en het gelijktrekken van de wachttermijn na het gebruik van diergeneesmiddelen voor alle diersoorten. Het volledige voorstel is hier te lezen.

Biologische koeien

Bionext ziet dat de voorgestelde wijzigingen stuk voor stuk bijdragen aan het oplossen van problemen en knelpunten die momenteel leven in de biologische sector in Nederland en de buurlanden. In het ideale scenario kunnen deze voorstellen tegen het einde van 2026 in werking treden en hopen wij dat deze duidelijkheid snel wordt geboden.