Arbusculaire mycorrhiza (AM) in de bodem
Akkerbouwer en collega Arjen van Buuren weet veel te vertellen over arbusculaire mycorrhiza (AM) in de bodem. Een fascinerend en onzichtbaar netwerk van schimmels dat een belangrijke rol speelt in het gezond houden van de natuur en de landbouw.
Hoe werkt het netwerk in de bodem?
Hoewel je ze met het blote oog nauwelijks ziet, zit de bodem vol met schimmeldraden (hyfen). Dit ondergrondse web werkt als een soort verlengstuk van het wortelstelsel van planten. De schimmel dringt binnen in de wortelcellen van een plant (meestal in de wortelschors). Daar vormt de schimmel speciale boomvormige structuren, de zogenaamde arbusculen. Via deze structuren wisselen de plant en de schimmel stoffen uit. De schimmel gebruikt zijn fijne draden om water en moeilijk bereikbare voedingsstoffen (vooral fosfor) uit de bodem te halen. De plant maakt via fotosynthese suikers aan en deelt deze met de schimmel in ruil voor nutriënten, omdat de schimmel zelf geen zonlicht kan opvangen. Doordat de schimmeldraden veel dunner zijn dan plantenwortels, kunnen ze op plekken komen waar wortels niet bij kunnen. Ze vergroten het bereik van het wortelstelsel soms wel met honderden procenten.
De schimmels produceren een kleverige stof genaamd glomaline. Dit helpt om de bodemdeeltjes aan elkaar te plakken tot kruimels (aggregaat vorming), wat zorgt voor een goede structuur. De organische stof in deze gronddeeltjes houdt vocht vast tijdens droge perioden en bij hevige regenval zorgen de poriën voor een vlotte afvoer van overtollig water. Planten met een goed mycorrhiza-netwerk zijn vaak beter bestand tegen ziektes, droogte en arme grondsoorten.

Beschermen van arbusculaire mycorrhizas
In de landbouw wordt er steeds meer gekeken naar hoe we deze natuurlijke bodemschimmels kunnen beschermen. Het ondersteunen en beschermen van arbusculaire mycorrhizas vraagt om aandacht voor het bodembeheer. Je kunt de schimmels stimuleren met verschillende praktische maatregelen:
- Verminder intensieve grondbewerking. Niet te diep ploegen, spitten of frezen. Diepe grondbewerking breekt het ondergrondse schimmelnetwerk (mycelium) letterlijk kapot. Kies waar mogelijk voor niet-kerende grondbewerking of zo min mogelijk grondbewerkingen zodat de schimmeldraden intact blijven.
- Bemesting: te veel fosfaat maakt de plant 'lui'. Als er in de grond al te veel direct opneembare (kunstmest)fosfaat aanwezig is, heeft de plant de schimmel niet meer nodig voor voeding. De plant stopt dan met het leveren van suikers, waardoor de schimmel afsterft of zich niet ontwikkelt. Geef gedoseerde, organische meststoffen in plaats van grote giften (chemische) fosfaatmest.
- Zorg voor continuïteit in beworteling en variatie in gewassen. Mycorrhizas zijn obligate symbionten, ze hebben levende wortels nodig om te overleven. Zorg dat de grond niet lang kaal ligt door te werken met groenbemesters tussen teelten door. Let daarbij op de gewaskeuze. Niet elke plant werkt samen met deze schimmels. Zo gaan planten uit de koolfamilie (kool, radijs, mosterd) en de ganzevoetfamilie (spinazie, bieten) geen symbiose aan met de mycorrhiza. Wissel deze af met gewassen die wél een sterk netwerk opbouwen, zoals granen, maïs of klaver.
- Beperk chemische bestrijdingsmiddelen zoals fungiciden (schimmeldodende middelen), vliegensprays en ontwormingsmiddelen. Deze kunnen het nuttige bodemleven, waaronder mycorrhiza, zware schade toebrengen.