Sierteelt

Bionext zet zich in voor een groei van de biologische sierteelt. Daarbij richten we ons vooral op het vergroten van de kennis over de wettelijke regels voor de biologische sierteelt en op het verbeteren van de samenwerking in de keten. Daarnaast adviseert Bionext bedrijven die overwegen om te schakelen naar de teelt van biologische bloembollen, bloemen of (pot)planten.

Stand van zaken

In opdracht van het ministerie van LNV is in 2019 het project Onderzoek verduurzaming sierteelt uitgevoerd. Daarin zijn de volgende zaken onderzocht:
Hoe zijn de regels voor de teelt, verwerking en afzet van biologische sierteeltproducten? Zijn deze helder beschreven en goed te vinden voor geinteresseerde bedrijven en organisaties?
Kennen reguliere brancheorganisaties en afnemers het biologisch keurmerk en weten ze wat het inhoudt? Hoe zorgen we ervoor dat vraag en aanbod elkaar beter vinden en dat partijen in de keten meer gaan samenwerken en de risico's verdelen?

Uitkomsten van het project

Lees hier de factsheet over de regels voor de biologische sierteelt.

Krijgt u de vraag van een consument waar biologische bloem(boll)en gekocht kunnen worden? U kunt dan naar deze lijst verwijzen. Mocht u een toevoeging hebben, neem dan contact met ons op.

Bijeenkomst samenwerking in de biologische sierteeltketen
Op 6 november 2019 vond een bijeenkomst plaats waarbij we samen met alle ketenpartijen onderzocht hebben hoe de sector zich het beste kan organiseren om de afzet van biologische sierteeltproducten te bevorderen. Bekijk hieronder een aantal van de gegeven presentaties:
Bijeenkomst ‘Samenwerking in de biologische sierteeltketen’ - Presentatie Opening - Bionext
Bijeenkomst ‘Samenwerking in de biologische sierteeltketen’ - Presentatie biologisch telen - Bionext
Bijeenkomst ‘Samenwerking in de biologische sierteeltketen’ - Presentatie Gemeente Meierijstad


Meedoen?

Heeft u ideeën, vragen of opmerkingen? Neem contact op met Maaike Raaijmakers (raaijmakers@bionext.nl), projectleider Kennis & Innovatie.



Partners en financiers

Het Ministerie van LNV financiert dit project.