Image

Thema's

Door samen met de leden te kiezen voor een aantal herkenbare thema's wordt duidelijk waar de prioriteiten voor de sector liggen. Ook kan er doelgerichter gewerkt worden. Hieronder de thema's waaraan op dit moment gewerkt wordt.

Afbeelding Links

Convenant

In 2017 hebben 28 biologische aardappelveredelaars, aardappeltelers en supermarktketens het convenant ‘versnelde transitie naar robuuste aardappelrassen’ ondertekend. Met dit convenant wil de biologische sector een duurzaam antwoord geven op de meest verwoestende aardappelziekte: Phytophthora. Bionext heeft hiervoor het initiatief genomen. 

Aanleiding
Directe aanleiding voor het convenant is de grote schade die de aardappelziekte phytophthora in 2016 aanrichtte in de biologische aardappelteelt. Aardappels zijn gevoelig voor phytophthora en natuurlijke bestrijdingsmiddelen voor de schimmelziekte ontbreken. Om een nieuwe grote schade door phytophthora te voorkomen is een groei van het aandeel resistente rassen noodzakelijk. Om dit proces te versnellen, hebben de convenantpartners afgesproken deze robuuste rassen voorrang te geven: bij de productie van pootgoed, bij de teelt en in het winkelschap. Zo is het mogelijk om stapsgewijs op te schalen tot 100% aan robuuste biologische aardappels in 2020. 

Wat zijn robuuste rassen?
Robuuste rassen zijn rassen die resistent zijn tegen de aardappelziekte phytophthora en/of zogenaamde vroege rassen. Rassen met een vroege knolvorming kunnen, ook als ze minder resistent zijn, vóór een phytophthora uitbraak al een goede opbrengst geven.

Welke robuuste rassen zijn dit jaar beschikbaar? 
Dankzij de inzet van de aardappelkweekbedrijven neemt het aantal robuuste rassen snel toe. Dit jaar zijn al zo’n 20 robuuste aardappelrassen op de markt in Nederland. Naast de al bekende resistente rassen (Alouette, Bionica, Carolus, Connect, Vitabella en Sarpo Mira) zijn dit de vroege rassen Marabel en Triplo en de nieuwe resistente rassen Twinner, Twister en Levante van Agrico, Sevilla van Niek Vos, Cameo, Passion en Tentation van Caithness Potatoes B.V., Acoustic van Meijer BV, Otolia van Europlant, Alanis van Interseed en Cephora van Plantera B.V.  Voor informatie over de ras-eigenschappen kunt u navraag doen bij de betreffende bedrijven. 

De schatting is dat van de oogst van 2018, ongeveer de helft van de in Nederland geteelde biologische aardappels uit robuuste rassen bestaat.

Wat moet er nog meer gebeuren?
Hoewel 20 rassen een indrukwekkend aantal is, is dit aanbod nog niet voldoende. Met name in het vastkokende segment en voor de verwerkende industrie (chips, frites) is verdere uitbreiding van het assortiment noodzakelijk. Ook zal de pootgoed productie verder opgeschaald moeten worden om alle biologische telers in Nederland van robuust pootgoed te voorzien. Tegelijkertijd kunnen rassen die in eerste instantie veelbelovend zijn, in een later stadium alsnog afvallen, bijvoorbeeld omdat ze groeischeuren vertonen, onvoldoende robuust blijken te zijn of niet in de smaak vallen bij consumenten. Daarom zal de lijst met robuuste rassen elk jaar worden aangepast. 

Demonstratievelden
Om de biologische aardappeltelers kennis te laten maken met de nieuwe rassen zijn  in 2018 verspreid over Nederland drie demonstratievelden met robuuste rassen aangelegd. De komende jaren zal dit herhaald worden.

Resistentiemanagement

Veredelaars maken gebruik van verschillende resistentiebronnen tegen phytophthora. Het aantal beschikbare resistentiegenen is echter beperkt dus daar moeten we heel zuinig op zijn. Phytophthora, is een sterke ziekteverwekker die onder hoge ziektedruk snel kan veranderen (muteren) en de resistentie kan omzeilen (doorbreken). Resistentiemanagement verkleint dit risico en is daarom noodzakelijk. Dit betekent dat biologische akkerbouwers goed in de gaten moeten houden of er in de robuuste rassen aantastingen door phytophthora optreden. In samenwerking met het Louis Bolk instituut en de WUR is hiervoor een factsheet ontwikkeld. Ook zijn verschillende voorlichtingsbijeenkomsten voor biologische akkerbouwers georganiseerd. Bij de demovelden zullen de begeleiders een eventuele aantasting door phytophthora van de verschillende rassen strikt monitoren en bladmonsters van aangetaste planten worden in Wageningen geanalyseerd.